Froze maakte samen met Zanger Nol Havens van VOF de Kunst een herwerking van de klassieker “Suzanne”, 37 jaar na de originele release van het nummer.
Al van jongs af aan ontwikkelde Froze een voorliefde voor kleinkunst. Samen met zijn vader, Lieven Tavernier, maakte hij eerder al een herwerking van het nummer “De Fanfare Van Honger En Dorst”. Voor de Nieuwe Lichting van Studio Brussel schreef hij een nieuwe versie van de Vlaamse klassieker “Mia” van Luc De Vos en zijn band Gorki. En dan nu... “Suzanne”.
CREDITS
Script: Casper de Geus en Froze (Fritz Tavernier)
Regie: Casper de Geus
Assistent regie: Jonathan Van Hemelryck
Camera: Robin de Cock
Actrice: Frances Lefebure
Vocals: Froze (Fritz Tavernier) en Nol Havens
Auteurs en componisten: Ferdi Lancee, Caroline Bogman en Froze (Fritz Tavernier)
Productie: Emilio (Emile Ryckebusch)
Muzikaal concept: Sebastiaan Vandevoorde en Froze (Fritz Tavernier)
Gitaar en basgitaar: Jasper Morel
Speciale dank aan Kapitein Cravate Gent en alle figuranten!
VOLG FROZE
/ frozeofficial
/ friggedie_froze
https://open.spotify.com/artist/2LARH...
LYRICS
Ik zag haar zitten bij het venster
Ze las de krant en dronk haar thee
En ik stond aan de grond genageld
Want ik herkende haar meteen
Ik dacht aan die ene keer,
een halve eeuw geleden, ongeveer
Toen de zomers nog roken naar rozemarijn
en de mest op het veld, ma da hoorde er bij
Ik denk: What the hell?
Uw blonde haren zwart geverfd nu,
damn , te weinig letters in het alfabet
om te zeggen wat ik denk nu
Suzanne, Suzanne, Suzanne, ik ben stapelgek op jou
Terug in de tijd. de lucht, die was grijs
en dorp waar ik woonde pokkesaai, pokkesaai
Maar toen zag ik haar in die donkere parochiezaal
stopte m'n hart, ze stond aan de bar.
Ik zei tegen haar dat het met bonnekes was
Ze zei tegen mij da ze geen bonnekes had
en bedankte toen ik haar een bonneke gaf
Haar lach zo lief, haar blik zo mooi,
de wereld zo klein, de zaal zo groot,
haar ogen zo blauw, ik werd zo rood. Oh no...
Haar vader zei da ze nie mocht gaan.
Twee uur later stonden wij te tongen achter het frietkotkraam
Moile, moile, lekke, lekke...
Ik zal het nie zegge...
Suzanne, Suzanne, Suzanne, ik ben stapelgek op jou
Suzanne, Suzanne, Suzanne, ik ben stapelgek op jou
Ik wou haar vragen of ze mij nog kende.
Ik wou haar vragen of ze tijd zou hebben
Om een koffie te drinken en bij te kletsen
over verloren liefdes en de vrienden die we beide kenden
Ik wou haar vragen of ze mij nog kende.
Of ze soms nog terug ging naar het dorp tussen de weides en koeien,
waar ze rijden op de scooter en de dingen altijd blijven zoals vroeger
Maar ik zei niets.
Ik zei niets toen ze mij voorbij liep
Ik keek door het door het vensterglas
en ik dacht: Vaarwel...
Suzanne, Suzanne, Suzanne, ik ben stapelgek op jou (Woow, bye bye baby!)
Suzanne, Suzanne, Suzanne, ik ben stapelgek op jou
Ik zag haar zitten bij het venster
Ze las de krant en dronk haar thee
En ik stond aan de grond genageld
Want ik herkende haar meteen (hey, hey)
Suzanne (hey, hey), Suzanne (hey, hey), Suzanne, weet jij nog wie ik ben?
Suzanne (hey, hey), Suzanne (hey, hey), Suzanne, weet jij nog wie ik ben?
Информация по комментариям в разработке