De Toestand in Marokko -3- Al Hoceima (1997)

Описание к видео De Toestand in Marokko -3- Al Hoceima (1997)

De Toestand in Marokko (1997)
3. Al Hoceima
(NPS/1997/ video mini-cassette/30'20")
Nederlands ondertiteld
interviews: Kefah Allush
camera, tekst, commentaar en regie: Theo Uittenbogaard
technische productie: Ashwin Stam
vertaling: Nadia Laïti
montage: Vera Jong
geluidsmixage: Huibert Boon
leaderontwerp: Theo Uittenbogaard, Patrick Minks
eindredactie: Huub Spall voor NPS
producent: Ron Hanssens voor Holland Improvement

Huub Spall eindredacteur multiculturele programma's van de NPS televisie, zond mij begin 1996 met een nederlands-marokkaanse producer naar Noord-Marokko om research te doen voor een serie tv-programma's over de Rif, het gebied waar onze Nederlandse Marokkanen ooit als gastarbeider waren gerecruteerd om bij ons zwaar en ongenaam werk te komen doen.
Mij was al gebleken, dat Nederland geen gelukkige keuze had gedaan om in de Rif te recruteren -sterker nog, zich een keuze hadden laten opdringen door de Marokkaanse overheid, die van die opstandige lastpakken in de Rif afwilde en ze graag zag vertrekken naar Europa. Het was de Nederlandse overheid ontgaan dat de bewoners van dat gebied de meest oorspronkelijke Marokkanen waren, Berbers namelijk, die er al woonden voordat het Arabisch Kalifaat in de 7e eeuw zijn expansieve islamitische missiewerk begon. En dat zich daarna pas, Arabieren in de Mahreb vestigden, die al spoedig de autochtone Berbers onderwierpen en kleineerden. Berbers dus, die daar met machteloze woede, bloedig neergeslagen opstandigheid en burgelijke ongehoorzaamheid op reageerden.
Dat de Nederlandse recruteringsambtenaren in de jaren 60 folders uitdeelden in het Arabisch een taal die de Riffijnen, als ze al konden lezen, nauwelijks begrepen of begrijpen wilden, omdat het de taal van de vijand was kan op z'n zachtst gezegd 'naiëf' genoemd worden. Evenals het feit dat als de ambtenaar in het Frans vroeg, of ze Frans spraken de taal van de overheid en als dezen dan 'Oui' antwoordden, hij aannam dat dat ook het geval was, terwijl het enige buitenlands, dat de Rifii geleerd hadden kúnnen hebben, Spaans was omdat Noord-Marokko, inclusief de Rif, gedurende het grootste deel van de 20ste eeuw een Spaans protectoraat was -met als restjes daarvan de Spaanse exclaves Ceuta en Melilla.
Het is geen wonder dat deze mensen zich nimmer begrepen voelen door welke overheid dan ook, een nogal groot wantrouwen koesteren tegen alles dat anders en vreemd is. En zich, tot op de huidige dag, uit zelfbescherming isoleren binnen hun familie, de enige plek waar ze altijd gelijk krijgen.
Helaas was de producer waarmee ik de Rif doorkruiste een Riffijn uit hetzelfde hout gesneden: stronteigenwijs, wantrouwig en chauvinistisch.
Ook daardoor werd het mij duidelijk dat ik nooit een waarheidsgetrouw beeld van het Marokko van 'onze' Marokkanen, op tv zou kunnen tonen als ik met deze producer, en een 'echte' cameraploeg het land zou bereizen. Iedereen, van autoriteit tot bedelaar, zou van kleur en mening verschieten als ze zich zouden laten vastleggen door een officiële camera.
In Marokko en de rest van de islamitische wereld, doet men zich graag beter voor dan men is, en men geeft vreemdelingen 'gewenste' antwoorden, in plaats van de waarheid. Dit algemeen beoefende fenomeen wordt in het Arabisch 'nifaaq' genoemd: veinzerij. Iedereen weet dat, behalve naïeve Europeanen.
Daarom besloot ik de tv-crew te beperken tot twee man. Mijzelf en een interviewer. Daarom koos ik als reisgenoot Kefah Allush, een slimme jongen waarmee ik, 10 jaar daarvoor, toen hij 18 was, voor de VPRO-radio naar zijn geboorteplaats Nablus, op de Westelijke Jordaanoever was gereisd. En daarom koos ik als apparatuur een een kleine semi-professionele Sony-camera in een plastic boodschappentas. En als vervoer een lokale taxi. 'Low profile' dus. Dat werkte. Hoewel. Als een plaatselijke diender de kans zag, moesten we toch altijd onze officiëel afgestempelde papieren met toestemming, uit Rabat tonen.

Mijn moeder gebruikte in een conversatie, waarin ze erge dingen had uitgewisseld met haar buurvrouw of haar zuster, als stoplap altijd: "Wat een toestand.... in Marokko". Daar komt de titel van deze serie vandaan.

Комментарии

Информация по комментариям в разработке